Arbeidsmarktmobiliteit
De arbeidsmarkt is voortdurend in beweging. Personen veranderen van job, worden werkloos, gaan opnieuw aan de slag na ziekte of onderbreken hun professionele activiteit voor opleiding of om voor een ziek familielid te zorgen. Het zijn maar enkele van de vele mogelijke bewegingen die plaatsvinden op de arbeidsmarkt. In onze monitoring van de bewegingen op de arbeidsmarkt brengen we als Steunpunt Werk de transities tussen alle arbeidsmarktposities (werkend, werkloos en niet-beroepsactief) in kaart. We hebben hierbij bijzondere aandacht voor de transities van de arbeidsreserve. Daarnaast monitoren we ook de jobmobiliteit, jobanciënniteit en de mobiliteit in de letterlijke zin van het woord: de pendelbewegingen van werknemers tussen hun woon- en werkplaats.
Sarah Vansteenkiste
Arbeidsmarktmobiliteit en tewerkstelling
Het ambitieuze doel van de Vlaamse Regering om 80% van de Vlaamse bevolking op arbeidsleeftijd aan het werk te krijgen, kan enkel slagen als voldoende mensen instromen in werk en de uitstroom uit werk binnen de perken blijft. Ook de doorstroom van personen naar andere en kwaliteitsvolle jobs kan bijdragen aan de realisatie van deze doelstelling. Een positieve jobmobiliteit helpt werknemers immers om hun competenties te verbreden en verhoogt hun inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Bovendien schept een relatief hoge jobmobiliteit meer kansen op een job voor niet-werkenden, aangezien vaker jobs vacant komen te staan. Tot slot eist ook een specifieke werk naar werk transitie steeds meer onze aandacht op, namelijk de werkhervatting van werkenden in een ziektestatuut.
Om meer mensen aan het werk te krijgen en te houden is een inclusieve aanpak vereist, waarbij we geen enkel talent verloren mogen laten gaan. Om een inclusief beleid te ondersteunen verfijnen we de cijfers over arbeidsmarkttransities zoveel mogelijk naar sociodemografische kenmerken. Op die manier brengen we de mobiliteit van kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt in kaart. Het gaat bijvoorbeeld over kortgeschoolden, personen met een handicap of ziekte of personen met een migratieachtergrond.
Raadpleeg de cijfers
De cijfers over de transities van de arbeidsreserve raadpleeg je in ons dashboard Arbeidsreserve. Naast de meer statische blik op de verschillende groepen van arbeidsreserve en hun evoluties doorheen de tijd, brengen we er de transities in beeld vanuit de verschillende groepen van arbeidsreserve naar verschillende socio-economische posities één jaar later. Ook de stromen tussen de globale arbeidsmarktposities werkend, werkloos en niet-beroepsactief vind je er terug.
Cijfers over de jobmobiliteit en jobanciënniteit zitten vervat in het dashboard Arbeidsmarktmobiliteit. Je vindt er ook de stromen tussen de globale arbeidsmarktposities werkend, werkloos en niet-beroepsactief terug volgens geslacht, het trendniveau van de instroom in en uitstroom uit werk en de uitstroom naar werk van de werkzoekenden zonder werk.
Databronnen
We doen beroep op twee bronnen om de arbeidsmarktmobiliteit binnen de Vlaamse bevolking in beeld te brengen:
- De Enquête naar de Arbeidskrachten (EAK): dit is een representatieve bevraging van de bevolking in België, uitgevoerd door Statbel. Via de EAK kunnen we de meest actuele cijfers brengen.
- Het Datawarehouse Arbeidsmarkt en Sociale Bescherming (DWH AM&SB) van de Kruispuntbank voor Sociale Zekerheid: deze bron omvat databestanden afkomstig van federale instellingen van de sociale zekerheid en gewestelijke instellingen. De administratieve data laat ons toe in te zoomen op meer specifieke statuten of uitkeringsstelsels, zoals leefloon en andere OCMW-steun, ziektestelsels en pensioen, maar kent meer vertraging qua data-aanlevering.
Pendel
Voor het uitstippelen van het arbeidsmarktbeleid is het eveneens van belang om zicht te krijgen op het verplaatsingsgedrag van werkenden om hun job uit te oefenen. Zo kunnen hotspots van tewerkstelling onderscheiden worden die vele mensen van buiten de regio aantrekken. Die regio kan op verschillende niveaus afgebakend worden. Het kan gaan om centrumsteden met een grote concentratie aan jobs, maar bijvoorbeeld ook om clusters van gemeenten die een lokaal arbeidsmarktgebied vormen en veel inkomende pendelaars verwelkomen. Andersom kunnen kwetsbare gebieden geïdentificeerd worden waar de lokale werkgelegenheid relatief beperkt is en inwoners sterk afhankelijk zijn van uitgaande pendel om aan een job te raken.
Vlaanderen kampt momenteel met een krappe arbeidsmarkt. Met onze pendelcijfers en -analyses kunnen we opvolgen in welke mate gebieden die veel moeite ondervinden om hun vacatures in te vullen erin slagen om arbeidskrachten vanuit andere regio's aan te trekken. Denk maar aan de situatie in West-Vlaanderen: een provincie met een erg krappe arbeidsmarkt, die naast de rekrutering in eigen regio ook nood heeft aan pendelaars uit Wallonië en Frankrijk om de vele vacatures in te vullen.
Al deze bewegingen volgen we op in onze pendelstatistieken. We maken daarbij het onderscheid tussen uitgaande en inkomende pendel. De uitgaande pendel linken we aan de woonplaats van de werknemer en heeft bijgevolg betrekking op de (loontrekkende) beroepsbevolking. De inkomende pendel linken we aan de werkplaats en de lokale werkgelegenheid. Deze pendelstatistieken zijn een onderdeel van de Vlaamse Arbeidsrekening, een intern consistente raming van de kernvariabelen met betrekking tot de arbeidsmarkt op basis van administratieve bronnen.