Ga verder naar de inhoud

Matchingindicatoren

Met onze competentieprognoses willen we zicht helpen bieden op de toekomstige arbeidsvraag en het toekomstige arbeidsaanbod, maar ook op de confrontatie van beide. Een belangrijke laatste stap in ons competentieprognosemodel voor Vlaanderen is dan ook om toe te werken naar indicatoren die inschattingen helpen geven over waar de toekomstige arbeidsvraag en het toekomstige arbeidsaanbod voldoende op elkaar kunnen aansluiten, of waar net tekorten of overschotten dreigen. Dat is precies wat we met onze matchingindicatoren in beeld willen brengen.

Sarah Vansteenkiste

Knipperlichten als matchingindicatoren

Matchingindicatoren zijn instrumenten om op een heldere manier te communiceren over toekomstige spanningen op de arbeidsmarkt. We doen geen uitspraken over precieze aantallen van tekortkomende of overtollige arbeidskrachten, er zijn immers te veel assumpties en onzekerheden in toekomstprojecties. In plaats daarvan werken we met spanningsindicatoren en knipperlichten: maatstaven die aangeven in welke mate de vraag en het aanbod in een sector of beroep met elkaar in balans zijn, uitgedrukt in kwalitatieve termen zoals goede, redelijke, matige of moeilijke perspectieven. Die aanpak sluit aan bij internationale standaarden, zoals die o.a. gehanteerd worden door het Nederlandse Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), en erkent expliciet dat de arbeidsmarkt een dynamisch systeem is waarbij werkgevers, (toekomstige) werknemers, beleidsmakers en ook andere betrokken arbeidsmarktstakeholders zich aanpassen aan veranderende omstandigheden.

De matchingindicatoren die we ontwikkelen, zijn bruikbaar vanuit verschillende perspectieven.

  • Beleidsmakers en opleidingsverstrekkers kunnen de competentieprognoses gebruiken om betere afstemming te helpen zoeken tussen het Vlaamse opleidingsaanbod en toekomstige competentienoden. De matchingindicatoren kunnen helpen duiden op dreigende tekorten qua instroom in studierichtingen en opleidingen, ten opzichte van de gevraagde beroepen- en competentieprofielen.
  • Werkgevers en sectoren kunnen op basis van de competentieprognoses anticiperen op dreigende tekorten aan bepaalde arbeidskrachten of vaardigheden, door bijvoorbeeld hun aanwervings- en opleidingsbeleid of de werkorganisatie tijdig bij te sturen.
  • Burgers en toeleiders kunnen inspelen op potentiële mismatches die in de competentieprognoses naar voor komen en kunnen sterker de noodzaak tot leer- en loopbaanactie inschatten. Het kan helpen om het eigen profiel te vergelijken met de beroepsprofielen en competentiesets die gevraagd worden in de toekomst, en waar nodig ook actie te ondernemen met het oog op een duurzame loopbaan. Specifiek kunnen bijvoorbeeld schoolverlaters en werkzoekenden hiermee een beeld krijgen van hoe gunstig de arbeidsmarktperspectieven zijn voor wie in een bepaald domein wil werken of zich omschoolt.

In het najaar van 2026 leveren we de eerste matchingsresultaten op voor het niveau van sectoren, waarbij we per sectorgroep een overzichtsfiche opstellen met de voornaamste resultaten. In de jaren daarna diepen we dit verder uit, onder meer door toe te werken naar het niveau van beroepen en competenties. Op die manier bouwen we stap voor stap een instrument uit dat beleidsmakers, sectoren, opleidingsverstrekkers en arbeidsmarktactoren een kompas voor de toekomst kan helpen bieden, steeds in combinatie met andere arbeidsmarktinformatie en -onderzoek.

Competentieprognoses ondersteunen toekomstgericht denken

Onze macrocompetentieprognoses steunen voornamelijk op statistische analyses van kwantitatieve data, maar we nemen ook kwalitatieve input mee. De horizon voor de prognoses is de middellange termijn. Met onze prognoses initiëren we meer toekomstgericht denken, zodat beleidsmakers en andere stakeholders niet enkel rekening houden met de ‘as is’-situatie op de Vlaamse arbeidsmarkt, maar ook aanvullend indicaties krijgen over toekomstige ontwikkelingen. Op die manier krijgen ze een belangrijke bijkomende tool in handen om in te spelen op deze toekomstscenario’s, in combinatie met andere bronnen.

Het gaat bij deze competentieprognoses niet om harde voorspellingen over hoe de toekomst zal zijn, maar om door data onderbouwde inschattingen van een onzekere toekomst. Tijdens onze prognoseperiode kunnen beleidsmakers en arbeidsmarktactoren nieuwe maatregelen of aanpassingen doorvoeren, en zelfs inspelen op deze prognoses, waardoor we andere evoluties en uitkomsten krijgen. Ook kunnen externe schokken en onverwachte conjunctuurschommelingen een onvoorziene invloed hebben.