Ga verder naar de inhoud

Beroepen

Als Steunpunt Werk monitoren we het aantal werkenden in de verschillende beroepen. Beroepenmonitoring is belangrijk omdat het ons inzicht geeft in hoe de jobstructuur, en de daaraan gelinkte jobkwalificatiestructuur, evolueert op onze arbeidsmarkt. We werken momenteel ook aan een competentieprognosemodel, waarin we o.a. beroepenprojecties zullen integreren. Projecties van de toekomstige beroepenstructuur zijn relevant omdat ze toelaten om mogelijke mismatches op de arbeidsmarkt tijdig te detecteren.

Beroep: jobkenmerk en/of persoonskenmerk?

Binnen het Steunpunt Werk beschouwen we beroepen conceptueel eerder als een kenmerk van jobs dan als een persoonskenmerk. We bespreken dit onderwerp dan ook onder het hoofdthema Jobs en vacatures, waarmee we de arbeidsvraag op onze arbeidsmarkt in kaart brengen. Met beroep bedoelen we dus in de eerste plaats de “functie”, het soort werk dat bij een bepaalde job hoort. Impliciet vatten we er ook de kennis, vaardigheden en attitudes onder die nodig zijn voor een goede beroepsuitoefening.

Hoewel we beroepen dus aan de vraagzijde van de arbeidsmarkt situeren, maken we natuurlijk niet volledig abstractie van de persoon die de job en het beroep uitoefent. We vatten jobs op als de vervulde arbeidsvraag (in tegenstelling tot vacatures, de nog niet vervulde arbeidsvraag). Jobs en beroepen bevinden zich met andere woorden op het kruispunt waar arbeidsvraag en arbeidsaanbod elkaar treffen.

Beroependata

In België wordt er niet systematisch beroepeninformatie verzameld aan de aanbodzijde (bij werkgevers of vestigingen) en ook niet aan de vraagzijde (bv. via de Census). Er is dus geen administratieve bron die het totaal aantal jobs, arbeidsplaatsen of werkenden uitdrukt in termen van beroepen of beroepsklassen. De enige bron voor representatieve informatie over beroepen in België is de Enquête naar de arbeidskrachten (EAK), een steekproef bij de leden van de privé-huishoudens van 15 jaar en ouder. In deze enquête wordt de respondent gevraagd naar zijn of haar huidige beroep, en in sommige gevallen naar het beroep in een vorige betrekking. Het antwoord wordt vervolgens gecodeerd aan de hand van de ISCO-classificatie.

ISCO staat voor International Standard Classification of Occupations. Het is de internationale beroepenclassificatie van de International Labour Organisation (ILO). Momenteel gebruiken we de ISCO-08-nomenclatuur, dit is de editie uit 2008. Deze bevat beroepencodes op vier detailniveaus. Zo staat code '7' (1-digitniveau) bijvoorbeeld voor 'Ambachtslieden', code 74 (2-digits) voor 'Elektriciens en elektronici', code 741 (3-digits) voor 'Installateurs en reparateurs van elektrische apparatuur en leidingen' en code 7413 (4-digits) voor 'Installateurs en reparateurs van elektriciteitsleidingen (civieltechnische werken)'.

Beroepenmonitor van het Steunpunt Werk

Het Steunpunt Werk ontsluit de ISCO-beroependata op basis van EAK via de Beroepenmonitor. In deze interactieve toepassing kan je de evoluties van het aantal werkenden in verschillende beroepsklassen raadplegen voor België en het Vlaams Gewest. In de toepassing is er keuze uit vier beroepenindelingen met toenemend detailniveau. Voor 1999 tot en met 2010 zijn de cijfers gebaseerd op ISCO-88, voor de jaren vanaf 2011 op ISCO-08 (= de recentste classificatie). In de toepassing kan je de beroepenaantallen opsplitsen naar geslacht, leeftijd, onderwijsniveau en arbeidsregime.

Een trend die in de Beroepenmonitor duidelijk naar voor komt, is dat het aandeel van de hooggekwalificeerde jobs (afgeleid uit de ISCO-code op 1 digit) stelselmatig toeneemt en dit vooral ten koste van het aandeel middengekwalificeerde jobs. We bespreken deze evolutie van “jobpolarisatie” in de rapporten “Terugblik op de Vlaamse arbeidsmarkt” en “Toekomstverkenningen arbeidsmarkt 2050”.

Competentieprognoses van het Steunpunt Werk

Het Steunpunt Werk bouwt momenteel aan een competentieprognosemodel. In het kader van dit ruimere project zullen we de volgende jaren ook werk maken van projecties van de toekomstige vraag naar en het aanbod van arbeid op het niveau van beroepen. Deze oefening zal ons toelaten om mogelijke toekomstige mismatches op onze arbeidsmarkt in kaart te brengen. Die mismatch kan kwantitatief, kwalitatief of beide zijn. Stel bijvoorbeeld dat uit de projecties een grote vraag naar bouwvakkers blijkt en een te kleine instroom in dit beroep. Dan wijst dit in de richting van een kwantitatieve mismatch. Als de competenties van de nieuw opgeleide bouwvakkers bovendien niet in overeenstemming zouden zijn met wat op de werf wordt gevraagd, dan dreigt er ook een kwalitatieve mismatch.

Vraag- en aanbodprojecties van beroepen, en de bijhorende kwalificatieprofielen, zijn dus relevante input voor een proactief arbeidsmarktbeleid dat wenst te anticiperen op dreigende arbeidsmarktkraptes. Dit is ook van belang in het kader van de werkzaamheidsdoelstelling van 80 procent, aangezien mismatches een rem kunnen zetten op de werkzaamheidsgroei.

Andere interessante thema's

Mismatch

Hoe verhouden de vraag en het aanbod op de arbeidsmarkt zich?

Meer lezen

Competentieprognoses

Hoe evolueren de vraag en het aanbod van arbeidskrachten in de toekomst? Welke mismatches kunnen er in de toekomst zijn op de arbeidsmarkt?

Meer lezen